donderdag 25 juni 2015

Fouten in klimaatprocedure bij de Rechtbank Den Haag

De rechtbank in Den Haag heeft de milieuorganisatie Urgenda in gelijk gesteld. De overheid moet worden verplicht om de uitstoot van broeikasgas veel meer te beperken dan zij van plan is. De pers nam deze uitspraak serieus zonder te beseffen dat de lobby van de olie- en gasindustrie de feitelijke winnaar is en daarmee op het gebied van publiek affairs een prachtige prestatie heeft geleverd.
Al jaren wordt het milieudebat met groot enthousiasme gevoerd. Het was de Club van Rome die in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw de noodklok luidde en daarmee de klimaatproblematiek op de politieke agenda zette. Dat in die tijd bossen verdwenen als gevolg van de ‘zure regen’ maakte de politieke boodschap nog prominenter. Inmiddels zijn zwavel en andere schadelijke stoffen uit de afvalgassen teruggedrongen en is dit onderwerp van de agenda verdwenen. Maar de opwarming van de aarde als gevolg van een te hoge concentratie CO2 in de atmosfeer is en blijft een ernstige ontwikkeling die moet worden teruggedrongen.

Tot zover zijn de partijen het eens. In de Nederlandse polder komt de olie- en gasindustrie op voor haar belangen en bepleit het belasten van CO2 uitstoot en het opslaan van CO2 in ondergrondse voormalige gasvelden. Daarmee blijft deze sector dichtbij huis: de kennis van de mijnbouw die nodig is om olie en gas te winnen, wordt ook ingezet om de problemen van een ongewenst bijproduct op te lossen. De sector heeft een nationale en internationale lobby opgetuigd om deze oplossingen van het CO2 probleem op de politieke agenda te krijgen. De eerste slag is verloren gegaan: de invoering van het stelsel van CO2-rechten is mislukt omdat belangrijke landen als China en Rusland niet meedoen en de marktprijs van deze emissierechten te laag is om de CO2-uitstoot effectief te verminderen.
Als Urgenda een prominente vertegenwoordiger is van de milieubeweging dan heeft zij met haar actie bij de Haagse rechtbank bereikt dat de overheid meer moet doen aan de vermindering van de uitstoot van CO2. De rechter heeft bepaald dat de Nederlandse overheid hiertoe juridisch kan worden gedwongen, precies  hetgeen waarvoor de olie- en gasindustrie al jaren pleit. Urgenda op haar beurt wordt in de media gecomplimenteerd voor haar professionele beïnvloeding van het Haagse politieke netwerk.
Wie geen rekening wil houden met het eigenbelang van zowel de olie- en gasindustrie als van de milieubeweging, heeft weinig moeite om tot een andere visie op de milieuproblematiek te komen. In het huidige tijdsgewricht zien we de wereld veranderen waarbij de oorzaak steeds dezelfde is: de digitale technologische ontwikkeling die vijftig jaar geleden begonnen is met de introductie van de eerste computerchip en die in onze tijd tot wasdom is gekomen. Op elk terrein waar sprake is van digitale technologie, of het nu om robots gaat of DNA of zonne-energie, voltrekken de ontwikkelingen zich exponentieel, met grote gevolgen voor de bestaande bedrijven. De grafiek laat het zien.



De prijsdaling van zonne-energiesystemen is exponentieel.[1]

Bij deze grafiek moet worden opgemerkt dat de verticale-as een logaritmische schaal heeft. Kosten zonnepanelen in de jaren 90 van de vorige eeuw nog $ 8 per Wp, in 2014 is de prijs gedaald naar $ 0,12. De bekende futuroloog Ray Kurzweil heeft berekend dat de productie van zonne-energie in de laatste 40 jaar iedere twee jaar verdubbelt. Hij verwacht nog zeven verdubbelingen met als gevolg dat in 2030 alleen al in de Verenigde Staten alle in dat land benodigde elektriciteit uit zonne-energie wordt voortgebracht. Met deze productietoename dalen de kosten van zonne-energie nog verder en worden verwaarloosbaar.  In de zonne-energiesector geldt namelijk de wet van Swanson die stelt dat de prijs van zonnecellen met 20% daalt bij iedere verdubbeling van het geplaatste vermogen. Als Kurzweil gelijk heeft dan daalt de prijs van zonne-energie tot 2025 met 10% per jaar. Daarbij is het realistisch om aan te nemen dat de zonnecel in technologisch opzicht nog niet aan het eind van zijn ontwikkeling is. Een voorbeeld uit een lange reeks van berichten: het tijdschrift Science vroeg in januari 2015 aandacht voor zonnecellen met grotere perovskietkristallen. Het betreft hier een veelbelovende ontwikkeling waaraan ook door Solliance, een topinstituut gevestigd op de High Tech Campus in Eindhoven, wordt gewerkt. Een zonnecel op basis van silicium heeft een efficiëntie van ongeveer 20%, in combinatie met perovskiet wordt verwacht een efficiëntie van 25-30% te halen.[2] Zonne-energie is voor wetenschappers een internationale groeimarkt waarin veel wordt samengewerkt en veel wordt gepresteerd.
Wie nog moet wennen aan de gedachte dat duurzame energie op afzienbare termijn de olie- en gasmarkt zal openbreken en daarmee de uitstoot van CO2 zal doen verminderen, moet het rapport lezen van acht prominente Britten die in juni 2015 een studie hebben gepubliceerd van de klimaatproblematiek en bij die gelegenheid de voor de hand liggende oplossing hebben geformuleerd.



Deze studie, het Global Apollo Programme, kiest de klimaatdoelstelling die internationaal is geaccepteerd: de opwarming van de aarde moet beperkt worden tot 2 graden. Dit doel wordt door de auteurs haalbaar geacht als gekozen wordt voor duurzame energie, de opslag ervan alsmede het efficiënt energieverbruik door middel van lokale energienetwerken (smart grids). Als de internationale gemeenschap even ambitieus zou zijn als in jaren 60 toen het Apollo project de mens op de maan bracht en een vergelijkbaar bedrag beschikbaar zou stellen voor de bescherming van het klimaat, dan is de prijs van duurzame energie in 2025 de helft van de kosten van kolen. We praten dan over zeer minimale bedragen en een drastische vermindering van de CO2 uitstoot..
Een van de opstellers van het Apollo project programma is Lord John Brown, de voormalige directievoorzitter van BP. Blijkbaar is ook hij overtuigd van de noodzaak dat de energiesector in de komende 10 jaar drastisch moet en zal veranderen. De technologie die hiervoor nodig is, is zoals ook hij constateert, beschikbaar. Ook de opstellers van het rapport zijn aan het lobbyen: zij willen nog dit jaar de internationale gemeenschap zover krijgen dat zij de handen ineen slaan om de benodigde middelen bijeen te brengen. Zij verwijzen daarbij naar de wijze waarop de wereldwijde chipfabrikanten samenwerken en daarmee in de laatste 50 jaar tot grootse prestaties zijn gekomen.
De gedachte van de Engelse Lords dat de internationale experts op het gebied van duurzame energie gezamenlijk een road map gaan opstellen en de doelstellingen ervan realiseren is een jongensdroom. Met dit rapport hebben zij in de Nederlandse milieupolder echter wel een steen in de vijver gegooid. Zij laten zien dat de Haagse rechtbank de wereld van de energie niet kent. Het gaat immers niet om de opslag van CO2 maar om de productie van duurzame energie. De olie- en gasindustrie zal het Apollo programma niet waarderen. Toch verandert dit niets aan het feit dat zij door de onstuitbare ontwikkeling van duurzame energie de eigen ondernemingsstrategie moeten aanpassen. Ook de milieubeweging moet zich over 10 jaar over haar bestaansrecht een oordeel vellen. De media doen er goed aan zelf naar de essentie van de energie-technologie te zoeken om de informatie van de belanghebbenden uit de energiesector beter op waarde te schatten. Ook de Haagse rechtbank moet zich afvragen of zij op basis van de juiste gegevens tot haar oordeel is gekomen.
Wie van mening is dat het allemaal zo’n vaart niet loopt omdat het Apollo programma de benodigde middelen niet bijeen brengt, moet zich realiseren dat de ontwikkeling van duurzame energie in de laatste 30 jaar ook zonder collectieve research programma’s tot stand is gekomen en dat het uitblijven van de benodigde collectieve middelen hoogstens een geringe vertraging in het tempo zal veroorzaken.

Prof. dr. Wim de Ridder
Hoogleraar Toekomstonderzoek Universiteit Twente




[2] Marcel aan de Burgh, Zonne-energie, de Volkskrant, 31 januari 2015, pag. W7.

dinsdag 13 augustus 2013

Een nieuwe weblog

Deze weblog staat in het teken van de ontdekking van de toekomst. We gaan op zoek naar de eigen motoriek van de vooruitgang. Voortdurend vinden we een nieuwe feiten en ontwikkelingen die onze toekomst bepalen. In de blogs doen we hier verslag van. Over enige tijd testen we de hypothese dat de toekomst voorspeld kan worden aan de hand van enkele aannames met betrekking tot technologische ontwikkelingen en het menselijk gedrag.

Alan Kay, een Amerikaanse computerwetenschapper, zei het al: The best way to predict the future is to invent it  

Wij maken ervan:

wie de toekomst heeft ontdekt, kan de toekomst voorspellen

Met mijn blogs verwacht ik velen te overtuigen van de relevantie van het gevonden materiaal voor het voorspellen van belangrijke toekomstige ontwikkelingen. Ik laat zien dat de voorgestane benadering veel gebeurtenissen verklaart die zich sedert het jaar 2000 hebben voorgedaan.  Nog uitdagender is het om de ontwikkeling van de wereld tot 2045 onder de loep te nemen.

De blogs zijn evenzovele uitnodigingen om commentaar te geven, informatie te tonen die het tegendeel bewijst of de inhoud versterkt en om met elkaar in discussie te gaan.

Ook is mijn Twitter account @Wimderidder1 geactiveerd. Hiermee geef ik commentaar op belangrijke nieuwsfeiten vanuit onze ontdekkingen van de toekomst.

Alle tweets, blogs en jullie reacties komen samen in mijn volgende boek dat de voorlopige titel draagt:


Het mysterie van de vooruitgang


Het boek zal het mysterie ontrafelen.